Methodiek

Goed genoeg opvoederschap

Ons moederkind-gezinshuis werkt op basis van de richtlijn “Goed Genoeg Ouderschap” (Richtlijnen jeugdhulp en jeugdbescherming; NVO, NVMW en NIP). Wij gebruiken liever de benaming “Goed Genoeg Opvoederschap (GGO)” omdat er altijd sprake blijft van ouderschap ongeacht of dit in combinatie gaat met het opvoederschap.

Nederland, Groesbeek, 04-01-16 Moederkindhuis in Groesbeek. © Photo Merlin DalemanVoordat moeder in ons moederkind-gezinshuis komt wonen wordt verteld dat we in dit huis gaan kijken naar het perspectief van haar opvoederschap. Het traject is niet vrijblijvend. Wij zijn gebonden aan de wet en hebben een signaleerfunctie. Maken wij ons grote zorgen hebben wij de plicht dit te melden volgens de “wet meldcode”. Een goede leefomgeving is een basisrecht voor kinderen.

Fase-model Z5

De leerdoelen GGO worden aangevuld met persoonlijke leerdoelen van moeder. Daarnaast wordt ook het (kunnen) respecteren van de algemene huisregels en andermans grenzen meegewogen in de beoordeling van goed genoeg opvoederschap. Tezamen wordt dit vastgelegd en geëvalueerd in het Driestroom begeleidingsplan “Mijn Plan”.

Het traject in ons moederkind-gezinshuis is opgedeeld in een 5-tal fases: 1.ZIEN -> 2.ZORG -> 3.ZELFREDZAAM -> 4.ZELFSTANDIG -> 5.ZELF (“Z5”)

In elke fase is het mogelijk uit te stromen. De aard van de uitstroom is afhankelijk van de mogelijkheden van de moeder. De leerdoelen worden dagelijks geëvalueerd middels een daglijst en gescoord. Bij het succesvol doorlopen van de fases nemen ook de vrijheden van moeder, zoals weekenden logeren op een goedgekeurd adres, toe.

Fase 1: Zien

Deze fase duurt 6 weken en is bedoeld om te wennen, alle praktische zaken te regelen en zicht te krijgen op de leerdoelen. Aan het einde van deze fase ligt er een begeleidingsplan met daarin persoonlijke leerdoelen, samengesteld door moeder, PB-er en gezinsvoogd (indien betrokken) en een aantal leerdoelen van de lijst GGO om mee aan de slag te gaan voor Fase 2.

Fase 2: Zorg

In deze fase gaat moeder aan de slag met de basis voorwaarden die “Goed Genoeg Opvoederschap” van een ouder vraagt. Dit is een standaard pakketje leerdoelen waar bestendig 6 weken lang een 6 (op een schaal van 10) of hoger op de daglijsten op gescoord moet worden voordat er gesolliciteerd kan worden d.m.v. een brief en gesprek naar de meer zelfstandiger Fase 3. Deze fase heeft geen vaste tijdsduur maar is afhankelijk van de snelheid waarmee moeder door haar proces gaat. 

Fase 3: Zelfredzaam

moeder-doet-kind-in-bedDeze fase lijkt op Fase 2. Maar kenmerkt zich in doorgroei naar zelfstandigheid in de vorm van zelfzorgdagen. Moeder laat zien in hoeverre ze de structuur en vaardigheden, zoals aangeleerd in Fase 2, zich eigen heeft gemaakt. De begeleiding observeert en rapporteert. Er wordt alleen ingegrepen als daar echt noodzaak toe is. Het aantal zelfzorgdagen per week wordt geleidelijk uitgebreid en is daarbij afhankelijk van de voortgang van het proces. Deze fase heeft geen vaste tijdsduur. Aan het einde van deze fase solliciteert moeder naar de volgende fase.

Fase 4: Zelfstandig

Deze fase lijkt op Fase 3. Tijdens deze fase is moeder bezig om de laatste leerdoelen van de lijst GGO en haar eigen persoonlijke leerdoelen te behalen. Tijdens deze fase gaat moeder in gesprek met PB-er, zorgcoördinator, gezinsvoogd (indien betrokken) en het persoonlijke netwerk over je vervolgtraject. Moeder denkt na over de hulpvragen m.b.t. de volgende woonplek. Samen met de PB-er nodigt moeder het sociaal wijkteam uit om deze hulpvragen en wensen te bespreken.  

Fase 5: Zelf

Intern. Mogelijk heeft moeder wel alle leerdoelen behaald van Fase 1-4, maar is er nog geen passende vervolgplek gevonden. Moeder kan dan gedurende deze overbruggingsperiode in ons moederkind-gezinshuis blijven wonen en min of meer zelfstandig functioneren, waarbij alle huisregels en afspraken natuurlijk wel van kracht blijven.

Ambulant. Als moeder in Groesbeek wil blijven wonen kunnen we met urgentie via woningbouwcoöperatie Oosterpoort op zoek naar een passende woonruimte in de buurt van het moederkind-gezinshuis. Als de indicatie dat toelaat kan moeder (ambulante) begeleiding blijven ontvangen vanuit ons huis van dezelfde begeleiders. Begeleiding komt op verwachte en soms onverwachte momenten langs en ons moederkind-gezinshuis fungeert als inloophuis/begeleiderspost.